Verhaal uit de stiltehoek van de Ruimte voor Gebed PDF Afdrukken
Geschreven door Redactie   
woensdag, 25 maart 2015 22:38

Verhaal uit de stiltehoek van de Ruimte voor Gebed van 6 en 7 maart 2015 – thema: Gewoon ZIJN

De schat ligt bij je thuis
In vele culturen over de wereld wordt dezelfde legende verteld: dat je ver weg moet zoeken om te ontdekken dat je het alleen dichtbij kunt vinden. Reinier Sonneveld vertelt hoe drie rabbi’s hem deze wijsheid leerden.

Rabibi Eisik had ooit een bijzondere droom. Hij woonde in Krakau, maar kon helemaal in Praag onder de brug van het paleis een schat vinden. Vlak daarna droomde hij het nogmaals en na de derde keer vertrok rabbi Eisik inderdaad naar het verre Praag.
Bij de bewuste brug stond echter bewaking en hij durfde niet te graven naar de schat. Toch kwam hij elke ochtend naar die plek en bleef er tot de avond rondhangen. Hij viel natuurlijk op, een bewaker riep hem bij zich en vroeg vriendelijk of hij iets zocht of op iemand wachtte. Rabbi Eisik besloot hem eerlijk over zijn droom te vertellen.
De bewaker barstte in lachten uit: ‘Jij bent om een dróóm helemaal hiernaartoe gekomen? Wie vertrouwt er nu op dromen! Dan had ik zeker ook op pad moeten gaan – ik had namelijk eens een droom waarin ik naar Krakau moest reizen en daar zou ik in het huis van ene Eisik onder de haard een schat vinden! Ik zie mezelf al alle huizen openbreken – ze heten daar allemaal zo!’ Rabbi Eisik boog diep, keerde terug naar huis en groef de schat op onder zijn eigen haard.

Als dit verhaal verteld wordt, zegt men erbij: ‘Onthoud dit verhaal. Er is iets wat je nergens in de wereld kunt vinden, en toch is er een plek waar je het kunt vinden.’

Veel anderen zochten lang naar wijsheid, waarheid, liefde en ten slotte merkten ze dat het veel dichterbij is dan ze dachten. Misschien wel in hun eigen hart.

Een andere Joodse rabbi, Yeshua, is op de vlucht omdat hij zulke eigenwijze uitspraken doet, en belandt in vijandig gebied. Daar gaat hij bewust midden op de dag bij een waterput zitten. Als er nu iemand komt, zal het een vrouw zijn die in opspraak is. Water halen doen namelijk alleen vrouwen als de zon laag staat; als het snikheet is en je gaat toch met kruiken sjouwen, dan wil je wel heel graag de anderen vermijden…
Daar komt inderdaad een vrouw aan. Zij heeft een diepe innerlijke onrust. Zij is al vijf keer getrouwd en heeft nu een losse scharrel, een grote schande in dit conservatieve land. Ze blijft zoeken naar vervulling, telkens denkt ze het te vinden in een nieuwe relatie, maar die lopen allemaal uit op een teleurstelling. Zij ziet bij de waterput deze Joodse man wachten en denkt: ‘Zou dit wat zijn? Zou hij iets willen? Hij kent de regels van het spel, hij staat hier niet voor niets…’
Rabbi Yeshua vraagt echter of hij water voor haar zal putten. Ze is in de war. Hij heeft geen emmer bij zich en de Joden zijn vijanden. Wat wil hij nu precies? ‘Jij kunt water krijgen,’reageert Yeshua, ‘dat een innerlijke bron wordt. Dan hoef je nooit meer te putten en heb je nooit meer dorst..’Dat is precies wat ze zoekt! Ze zocht het altijd ver weg, in mannen, in relaties, maar is haar vervulling toch dichterbij dan ze dacht?
‘Ja,’ legt rabbi Yeshua uit. Zijn eigen volk denkt dat je God moet opzoeken in de tempel in Jeruzalem. Haar vijandige volk denkt dat hij woont op een berg. Hoe kortzichtig! God laat zich niet opbergen, je hoeft niet naar God te reizen, God is overal; ‘God is geestelijk en je kunt hem dus overal vinden met je geest.’
De vrouw is diep ontroerd. Ze moest dus al die omwegen van die vele mislukte relaties nemen en jarenlang naar die verre waterput reizen, om te ontdekken dat ze met haar eigen geest een vervulling kan vinden waarin ze niet teleurgesteld zal raken.

Ik heb duizenden boeken gelezen, ware wijsheid was er te vinden, maar het moet landen. Boekenwijsheid is dode wijsheid. Het komt pas tot bloei als je het binnenlaat. Dit drong pas tot mij door bij de derde rabbi, rabbi Mendel. Er kwamen eens enkele geleerde mannen bij hem op bezoek.

Halverwege de avond vroeg hij ze plotseling:’Waar woont God?’ Dat is wat elke Jood het liefst wil weten, want God is het mooiste en grootste dat ze kennen. Maar deze geleerde mannen dachten het al te weten en lachten om de ‘domme’ vraag van rabbi Mendel; ‘Wat zeg je nu? De hele wereld is toch vol van zijn schitteringen!’
Rabbi Mendel schudde echter zijn hoofd en na een lang zwijgen sprak hij: ‘God woont waar men hem toelaat.’

Je kunt ver zoeken en die zoektocht is nodig. Maar ware wijsheid is dichterbij dan je denkt. Het wacht al in je, het is al bezig met je. Het is een zaadje dat rust in de grond en wacht tot je het voedt. Je hebt er soms alleen een lange reis voor nodig om dat werkelijk te geloven.